Meer
Publicatiedatum: 08-11-2017

Inhoud

Financiële begroting

Financiële begroting

Algemeen
In de diverse programma’s van deze begroting is aandacht besteed aan het beleid, dat in het jaar 2017 wordt uitgevoerd. Elk programma is voorzien van een financieel overzicht, waarin de baten en lasten van het desbetreffende programma worden aangegeven.
In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op de financiële positie van de gemeente als geheel in het begrotingsjaar 2017 en de daaropvolgende jaren. Verder worden de uitgangspunten voor de begroting 2017 aangegeven.
In het kader van de toelichting op de financiële positie wordt tevens een globale vergelijking gemaakt tussen de begroting 2017 enerzijds en de laatst vastgestelde jaarrekening (2015) en de (gewijzigde) begroting van het lopende jaar (2016) anderzijds.
Voorts wordt aandacht besteed aan de incidentele baten en lasten in de begroting 2017, aan het investeringsprogramma 2017-2020 en aan de financierings- en reservepositie van de gemeente. Het financiële deel van deze begroting wordt afgesloten met een samenvattend overzicht, waarin de volgende (financiële) gegevens worden vermeld: 

  • de baten en lasten van de programma’s;
  • de saldi van de programma’s;
  • de omvang van de algemene dekkingsmiddelen en de post
    Onvoorzien;
  • het resultaat voor bestemming;
  • de verwachte toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves;
  • het resultaat na bestemming.

De bedragen, die in dit overzicht worden vermeld, worden door de raad geautoriseerd. Binnen deze budgetten is het college bevoegd de begroting uit te voeren. Noodzakelijke wijzigingen van deze budgetten zullen in de loop van het dienstjaar ter goedkeuring aan de raad worden voorgelegd. Tenslotte wordt in een tweede overzicht het financieel meerjarenperspectief weergegeven voor de jaren 2018 tot en met 2020.

Uitgangspunten van de begroting

Met uitzondering van de in de diverse programma’s vermelde actiepunten is voor de ramingen in deze begroting uitgegaan van ongewijzigd beleid.
De huidige collectieve arbeidsovereenkomst (cao) voor gemeentepersoneel geeft een loonkostenstijging aan van 1% voor 2017. In deze begroting is dat verwerkt.
Zoals gebruikelijk wordt in de begroting uitgegaan van constante lonen en prijzen. Dit houdt in dat ook de meerjarenbegroting gebaseerd is op het loon- en prijspeil van het jaar 2017.
Tot en met 2016 maakt de gemeente Ouder-Amstel voor de financiering van haar activiteiten gebruik van interne financieringsmiddelen. De hiermee gemoeide rentelasten werden volledig toegerekend aan de programma’s en producten op basis van de boekwaarde van de investeringen per 1 januari van het begrotingsjaar. Door de nieuwe BBV voorschriften mogen alleen de werkelijke rentekosten toegerekend worden. Ouder Amstel maakt geen gebruik van externe financieringen en heeft daarom geen rentekosten. Rentelasten worden daarom ook niet meer toegerekend aan de diverse tarieven. Ook wordt een geen bespaarde rente toegevoegd aan de reserves.  
Ten aanzien van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen, de roerende-ruimtebelastingen, de toeristenbelasting, de hondenbelasting en de begraafrechten en de overige leges is rekening gehouden met het in deze begroting gehanteerde inflatiepercentage van 1,0%.
Ten aanzien van de rioolheffing is het Gemeentelijk Rioolbeheersplan  2011 -2015 van toepassing. Dit plan wordt op geactualiseerd en zal in 2017 vastgesteld worden. Hierbij zal ook rekening gehouden worden met gewijzigde verantwoordingsvoorschriften. Wel is duidelijk dat de huidige voorziening riolering ruim toereikend is voor de toekomstige investeringen uit het GRP 2011-2015. Daarom wordt er een tariefaanpassing van 0% voor 2017 voorgesteld.
Met de uitzondering van de bouwleges is in deze begroting ook voor de leges een tariefstijging van 1,0 % gehanteerd. De inkomstenraming van de bouwleges is gebaseerd op de verwachte bouwactiviteiten in het begrotingsjaar.  Wel is deze opbrengst sterk afhankelijk van de economische ontwikkelingen en bouwactiviteiten. De onzekerheid over de realisatie is dan ook toegenomen.
De voorstellen voor de definitieve aanpassing van de tarieven van de gemeentelijke belastingen en heffingen worden opgenomen in de Tarievennota 2017. De financiële consequenties van deze tariefsaanpassingen worden, in geval deze mochten afwijken van hetgeen reeds in deze begroting is opgenomen, middels begrotingswijziging in de begroting verwerkt.

Financiële positie

In dit onderdeel wordt aandacht besteed aan de financiële positie van de gemeente, zowel voor wat betreft het jaar 2017 als voor de jaren 2018 tot en met 2020. Hierbij komen achtereenvolgens de volgende aspecten aan de orde:

  • Financiële positie 2017-2020
  • Globale vergelijking met de jaarrekening 2015
  • Globale vergelijking met de begroting 2016 (na wijziging)
  • Incidentele baten en lasten
  • Investeringen
  • Financiering
  • Reserves en voorzieningen
  • Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

Financiële positie 2017-2020

De begroting 2017 sluit met een positief saldo van € 55.000, zonder dat daarvoor ingrijpende bezuinigingen zijn doorgevoerd. Ook in de toekomst na 2017 blijft de financiële positie redelijk goed. Wel wordt het saldo sterk beïnvloed door mutaties van de algemene uitkering.
De uitkomsten van de meerjarenbegroting worden in onderstaand overzicht weergegeven.

 

Bedragen * 1.000

2017

2018

2019

2020

Saldi begroting 2017 -2020

55

20

41

85

 In vergelijking met de jaarsaldi uit voorgaande begrotingen zijn de verwachte begrotingssaldi duidelijk lager.

€ 1000,-

2015

2016

2017

2018

2019

2020

MJB 2013-2016

MJB 2014-2017

MJB 2015-2018 *)

MJB 2016-2019

MJB 2017-2020

-506

-691

24

-308

-746

50

78

 

-841

132

321

55

 

 

-75

178

20

 

 

 

115

41

 

 

 

 

85

*) inclusief 1e wijziging

Globale vergelijking met de jaarrekening 2015

De jaarrekening 2015 sloot met een voordeel van € 381.000. De begroting 2017 heeft een voordelig saldo van € 55.000. Een verschil van ruim € 326.000. In onderstaand overzicht zijn in hoofdlijnen de voornaamste afwijkingen opgenomen.

 

Bedragen * 1.000

Voordeel

Nadeel
Eenmalige baten en lasten rekening 2015   339
Vervoersvoorzieningen 82  
Toevoeging aan reserves decentralisaties 200  
Invoeringskosten decentralisaties 77  
Jeugdhulp /preventie   47
Inkomensdeel wet werk en bijstand   110
Reintegratie   134
Leges Bouwvergunningen 240  
Groot Onderhoud Wegen 240  
kosten betaald parkeren 144  
Boetes Parkeren   156
Pensioenverplichtingen Wethouders 110  
deelfonds sociaal decentralisaties per saldo   93
Kapitaallasten   33
Kosten DUO structureel   65
Ontwikkeling personele lasten   160
Bijdrage uit reserve voor projecten   145
Post Onvoorzien   70
Overige posten per saldo   67
  1.093 1.419
Begroting 2017 per saldo nadeliger   326

 

Globale vergelijking met de begroting 2016 (na 2e nieuwsbrief)

De begroting 2016 sloot met een voordeel van € 102.000. De begroting 2017 heeft voordelig saldo van € 55.000. Een verschil van ruim € 47.000. In onderstaand overzicht zijn in hoofdlijnen de voornaamste afwijkingen opgenomen.

 

Bedragen * 1.000

Voordeel

Nadeel

Ontwikkeling Meicirculaire Algemene Uitkering                  

Ontwikkeling Personele lasten

Diensten cheque HHT

Eigen bijdrage CAK

Inhuur voor transitie decentralisaties        

Reservering Planmatig Groot Onderhoud Wegen               

Structurele verhoging bijdrage DUO+

Onvoorzien

diverse kleine aanpassingen per saldo

 

 

98

 

68

540

 

 

 

272

146

 

160

 

 

65

70

40

 

706

753

Begroting 2017 per saldo nadeliger

 

47

Incidentele baten en lasten

In de begroting 2017 is een aantal incidentele uitgaven opgenomen. Het grootste deel daarvan wordt gedekt middels een onttrekking aan een van de daarvoor in het leven geroepen reserves. Zo worden de incidentele uitgaven in verband met de Groot onderhoud gebouwen gedekt uit de reserve onderhoud gemeentelijke gebouwen.  Ook groot onderhoud wegen wordt via de bijdrage uit de reserve gedekt.
Tegenover deze onttrekkingen wordt jaarlijks een bedrag aan deze reserves toegevoegd. Deze stortingen zijn als last in de begroting opgenomen.
Ook de incidentele bijdrage aan DUO+ wordt uit de daarvoor gevormde reserve  gedekt.
Met inachtneming van het vorenstaande blijft er aan incidentele uitgaven nog een bedrag over van € 25.000 voor wachtgelden wethouders . Dit bedrag komt geheel ten laste van de exploitatie.

Globale overzicht incidentele baten en lasten begroting 2017 tot en met 2020

Bedragen * 1.000

(+ = voordeel - = nadeel)

2017

2018

2019

2020

Programma 1

-Project taalactivering

-Rijksuitkering onderwijsachterstanden beleid

Programma 2

-Sail Amsterdam

Programma 3

-Wachtgeld

 

-92

92

 

 

 

-25

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

-15

 

-Verkiezingen gemeenteraad

 

-6

 

 

Totaal eenmalige lasten

-25

-6

0

-15

Programma 1

 

 

 

 

-Activiteitenplan Onderwijs

-Bijdrage uit reserve collegeprogramma

Programma 2

-Cultureel Erfgoed

-Bijdrage uit reserve collegeprogramma

-3e deel winstuitname en afsluiting Ouderkerk Zuid

-Toevoeging aan reserve Dorpshart

DUO+

Incidentele lasten

Bijdrage uit reserve ontwikkeling DUO+

-20

20

 

-12

12

 

 

 

 

-559

559

-20

20

 

-9

9

-200

200

 

 

-386

386

 

 

 

 

 

 

 

 

 

-70

70

 

Eenmalige baten / lasten verrekend met reserves

0

0

0

0

Totaal per saldo

-25

-6

0

-15

Investeringen

Het investeringsschema 2017-2020 is als bijlage in de begroting opgenomen. Ten opzichte van de begroting 2016 is het investeringsvolume aanzienlijk gestegen. Dit is met name het gevolg van de wijziging van het BBV waardoor een groot deel van de uitgaven voor onderhoud en reconstructies van wegen niet langer direct ten laste van de begroting gebracht mogen worden maar geactiveerd moeten worden. 

Financiering

Ouder-Amstel maakt al sinds 2003 geen gebruik meer van externe financieringsmiddelen. Alle gemeentelijke activiteiten worden geheel gefinancierd met eigen vermogen.
Per 1 januari 2017 wordt een financieringsoverschot verwacht van iets minder dan € 8.127.000.  
Van het jaar 2016 naar het jaar 2017 daalt het financieringssaldo met ruim € 1,5 miljoen. Belangrijke reden hiervoor is de aanloopproblematiek i.v.m. de overgang naar DUO+ (€ 0,5 miljoen incidenteel) en de instelling van de reserve Infrastructurele werken (€ 0,5 miljoen incidenteel) aangezien er nog geen gedegen meerjarenplanning van het groot onderhoud voorhanden is. In de jaren daarna is een stabiel ontwikkeling te zien.
In de begroting 2017 is ervan uitgegaan dat er nog steeds sprake zal zijn van overtollige liquiditeiten, die bovendien bij het Rijk in depot gezet worden als gevolg van het verplicht schatkistbankieren.

Reserves en voorzieningen

De omvang van de reserves loopt de laatste jaren terug en deze ontwikkeling zal zich naar verwachting de komende jaren voortzetten. In de nu voorliggende begroting wordt de omvang van de reserves per 1 januari 2017 geraamd op € 21.755.000, maar de verwachting is dat dit per ultimo 2020 circa € 20.020.000 zal zijn.
Er wordt in 2017 naar verwachting per saldo € 1.140.000 aan de reserves onttrokken.
De grootste onttrekkingen zijn de onttrekkingen aan de reserve DUO+ (ruim € 558.000 voor 2017) en de reserve Infrastructurele werken (ruim € 410.000 voor 2017). Tegenover de onttrekkingen worden er ook bedragen aan de reserves toegevoegd. Allereerst is dat de jaarlijkse toevoeging aan de reserve Infrastructurele werken (€ 400.000 voor 2017, verhoogd met jaarlijks € 50.000) en een toevoeging aan het herplantfonds van € 200.000. Daarnaast wordt jaarlijks een bedrag van € 150.000 aan de reserve Onderhoud gemeentelijke gebouwen toegevoegd om het noodzakelijke groot onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen te kunnen bekostigen.

Overzicht mutatie reserves

Onderstaande tabel geeft samenvattend inzicht in de structurele mutaties vanuit de reserves die ten gunste of ten laste van de exploitatie komen.

 

bedragen * 1.000,--

Rekening 2015

Begroting 2016

Begroting 2017

Begroting 2018

Begroting 2019

Begroting 2020

Structurele toevoegingen aan reserves

 

 

 

   

 

Rente

             254

             152

           0

0

0

0

Infrastructurele werken

0

0

400

450

500

550

Onderhoud gebouwen

             150

             150

           150

150

150

150

 

             404

             302

           550

600

650

700

Structurele bijdrage uit reserves

 

 

 

   

 

Kapitaallasten gemeentehuis (v.a. 2017 afschrijving)

             456

             324

           280

280

280

280

Kapitaallasten Zonnehof (v.a. 2017 afschrijving)

 

244

           144

144

144

144

Huurlasten Hekmanschool

             116

             116

           116

116

116

116

 

             572

             684

           540

540

540

540

Incidentele mutatie reserves

 

 

 

   

 

Per saldo bijdrage uit reserves

               292

           -2.351

         -1.150

               215

               -605

               -535

Totaal mutaties reserves per saldo

           -460

           -2.733

         -1.140

            275

             -495

             -375

Onderstaand wordt aandacht besteed aan een aantal reserves en aan de voorziening Vervanging riolering.

Reserve Infrastructurele werken
De voorziening groot onderhoud wegen is in 2016 opgeheven en een bedrag van € 950.000 is overgeheveld naar de reserve infrastructurele werken. Reden is dat voor het aanhouden van een voorziening er een structureel plan voor groot onderhoud wegen moet liggen. In 2017 wordt er voor onderhoud van de Polderwegen € 170.000 uitgegeven en voor Rondehoep Oost € 240.000. de toevoeging aan de reserve is € 400.000.

Reserve dekking kapitaallasten gemeentehuis en schoolgebouw (Zonnehof)
Vanaf 2017 is er conform de nieuwe richtlijnen van de commissie BBV geen sprake meer van rentelasten op investeringen maar alleen afschrijvingen. De onttrekkingen op bovengenoemde reserves (€ 280.031 voor het gemeentehuis en € 143.750 voor Zonnehof) zijn dan ook de afschrijvingen voor 2017. Tevens vervalt de tegenpost toevoeging van rentelasten aan de algemene reserve vrij besteedbaar.

Reserve Collegeprogramma 2014-2018
In 2017 zal deze reserve conform de speerpunten uit de College-agenda aangewend worden voor het volgende: € 11.500 voor de visie erfgoed en € 20.000 voor het beleids- en activiteitenplan onderwijs 2016-2020.

Reserve DUO+
Duo+ heeft sinds de start te maken met een stevige onderbezetting, die zijn weerslag heeft op zowel werkdruk als onvermijdelijke externe inhuur. De externe inhuur en de grote ICT-opgave zorgt voor substantieel meer kosten dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. Dit is voor een deel in lijn met de verwachtingen over de vormingsfase die in de voorbereidingsfase genoemd zijn: in de vorming van Duo+ is eerst sprake van een tijdelijke ‘overgangsdip’. Het incidenteel effect van de begroting 2017 van DUO+ op de begroting 2017 van Ouder-Amstel is € 558.800.

Voorziening Afvalstoffenheffing
De voorziening afvalstoffenheffing is bedoeld om fluctuaties in de exploitatieresultaten op te vangen. De voorziening is toereikend maar neemt de komende jaren wel structureel af (in 2017 met € 46.510). Daarbij wordt rekening gehouden met de gemaakte kosten voor de minicontainers in het buitengebied en een verhoging van de tarieven 2016 verhoogd met 1% voor 2017.

Voorziening Vervanging Riolering
De voorziening Vervanging riolering is een soort “spaarrekening” om de toekomstige hoge investeringen voor de vervanging van de in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw aangelegde riolering te kunnen bekostigen.
De voorziening Vervanging riolering neemt nog steeds sneller in omvang toe dan op basis van het Rioleringsplan 2011 – 2015 werd verwacht. Ook door het wegvallen van de rentetoerekening worden er lagere lasten voor dit taakveld verwacht. Echter op termijn zullen deze vervangingen wel gaan plaatsvinden. In 2017 wordt een nieuw GRP vastgesteld op basis waarvan vanaf 2018 de tarief-ontwikkeling opnieuw wordt bepaald
In tegenstelling tot de andere tarieven wordt het tarief rioolheffing daarom niet geïndexeerd.

Een overzicht van de ontwikkeling van de reserves en voorzieningen treft u als bijlage bij deze begroting aan.

Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

Onder arbeidsrechtelijke verplichtingen verstaan we aanspraken op toekomstige uitkeringen door huidig dan wel voormalig personeel. Artikel 9 van het Burgerlijk Wetboek zegt dat hiervoor in principe een voorziening moet worden getroffen. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geeft echter aan dat vorming van een dergelijke voorziening niet noodzakelijk is, als het een jaarlijks terugkerende verplichting van ongeveer gelijk volume betreft. Onderstaand wordt in het kort ingegaan op de arbeidsrechtelijke verplichtingen, die zich zouden kunnen voordoen.

Wachtgeld- en werkloosheidsuitkeringen ambtenaren
Dit betreft de verplichtingen aan ambtenaren, die om redenen anders dan reorganisatie ontslagen zijn. Er worden geen uitkeringen in 2017 verwacht.

Afvloeiingsregelingen
Dit betreft personeel, waarvoor in het kader van een reorganisatie een regeling is getroffen. Dit is voor onze gemeente niet aan de orde. 

Wachtgelden en pensioenen wethouders
Verwacht wordt dat in 2017 geen wachtgeldverplichting aan oud-wethouders nodig zal zijn. In het verleden is besloten een voorziening Pensioenverplichtingen politieke ambtsdragers in te stellen. De omvang van deze voorziening wordt per 1 januari 2017 geraamd op circa € 948.156. In 2017 wordt € 15.000 aan deze voorziening toegevoegd ten laste van de exploitatie.

Financieel overzicht Programma’s 2015-2020

Bedragen * 1.000

 

  

Rekening 2015

Begroting 2016

Begroting 2017

Begroting 2018

Begroting 2019

Begroting 2020

Directe kosten

Programma 1 Sociaal

             
   

Lasten

10.559

10.993

10.616

10.569

10.436

10.302

   

Baten

6.518

6.402

6.118

6.013

5.979

5.972

 

Saldo Programma 1 Sociaal

4.042

4.591

4.498

4.556

4.457

4.330

 

Programma 2 Ruimte

             
   

Lasten

4.990

6.317

6.985

4.539

4.191

4.143

   

Baten

6.551

6.783

8.144

7.051

5.479

5.385

 

Saldo Programma 2 Ruimte

-1.561

-466

-1.160

-2.512

-1.288

-1.242

 

Programma 3 Bestuur Dienstverlening en veiligheid

       
   

Lasten

2.566

2.404

2.811

2.808

2.804

2.776

   

Baten

14.930

14.933

14.575

14.662

14.717

14.797

 

Saldo Programma 3 Bestuur Dienstverlening en veiligheid

-12.364

-12.529

-11.764

-11.854

-11.913

-12.022

Totaal Directe kosten

 

-9.883

-8.404

-8.426

-9.810

-8.744

-8.933

Kapitaallasten

   

880

988

1.109

1.137

1.135

1.131

Apparaatskosten

 

9.163

8.281

8.401

8.228

7.913

7.843

Reserves

Programma 1 Sociaal

             
   

Lasten

200

40

0

0

0

0

   

Baten

259

527

390

455

377

260

 

Saldo Programma 1 Sociaal

-59

-488

-390

-455

-377

-260

 

Programma 2 Ruimte

             
   

Lasten

1.837

500

600

1.750

500

550

   

Baten

1.573

319

635

314

237

254

 

Saldo Programma 2 Ruimte

264

181

-35

1.436

263

296

 

Programma 3 Bestuur Dienstverlening en veiligheid

       
   

Lasten

3.708

705

150

150

150

150

   

Baten

4.372

1.161

865

705

381

311

 

Saldo Programma 3 Bestuur Dienstverlening en veiligheid

-664

-456

-715

-555

-231

-161

Totaal Reserves

   

-460

-763

-1.140

425

-345

-125

Resultaat na bestemming voordelig

Resultaat na bestemming nadelig

 

300

 

102

55

20

41

85